logo advocatenkantoor Kuijken
Neem vrijblijvend contact op:
Bel ons: 040 20 40 500
Mail ons: info@kuijkenadvocaten.nl
Deponeert u op tijd uw jaarrekening 2014?

Hierbij brengen wij de deponeringsplicht van de jaarrekening van uw vennootschap opnieuw onder de aandacht. Artikel 2:394 lid 3 BW geeft 13 maanden na afloop van het boekjaar als maximale termijn waarbinnen de jaarrekening moet zijn gedeponeerd. Bij een boekjaar gelijk aan het kalenderjaar dient de jaarrekening 2014 dus uiterlijk op 31 januari 2016 te worden gedeponeerd.

De deponeringsplicht geldt voor bv’s, nv’s, coöperaties, onderlinge waarborgmaatschappijen, vof’s en cv’s waarvan alle beherende vennoten buitenlandse kapitaalvennoten zijn, sommige (commerciële) verenigingen en stichtingen, buitenlandse rechtspersoon met vestigingen in Nederland die in het land van herkomst ook een jaarrekening moeten publiceren (artikel 2:360 BW).

Van de hierboven genoemde ondernemingsvormen komt de bv het meest voor. De meeste ondernemingen hebben een boekjaar gelijk aan het kalenderjaar. Op grond van artikel 2:210 BW maakt het bestuur jaarlijks binnen 5 maanden na afloop van het boekjaar, behoudens verlenging van deze termijn met ten hoogste 6 maanden door de algemene vergadering, een jaarrekening op. Na uitstel van 6 maanden bedraagt de maximale termijn voor het opmaken van de jaarrekening dus 11 maanden. De jaarrekening wordt vervolgens vastgesteld door de algemene vergadering.

Gevolgen De wet verbindt vergaande gevolgen aan het niet tijdig deponeren van de jaarrekeningen.

- Het niet (tijdig) deponeren van de jaarrekeningen is een economisch delict (artikel 1 onderdeel 4 Wet op de economische delicten).

- Wat in de praktijk echter veel belangrijker is, is de sanctie van artikel 2:248 BW. Dat artikel bepaalt dat in geval van faillissement iedere bestuurder hoofdelijk aansprakelijk is voor het volledige faillissementstekort indien het bestuur onbehoorlijk heeft bestuurd en aannemelijk is dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement. Indien het bestuur niet aan de deponeringsplicht heeft voldaan staat op grond van artikel 2:248 vast dat het bestuur onbehoorlijk heeft bestuurd en wordt vermoed dat het onbehoorlijk bestuur een belangrijke oorzaak is voor het faillissement. Indien de bestuurders dit vermoeden niet kunnen weerleggen, zijn zij in dat geval dus hoofdelijk aansprakelijk voor het gehele faillissementstekort.

Vrijblijvend telefonisch advies

Voor informatie over deze nieuwsbrief en voor alle juridische vragen kunt u gratis en vrijblijvend bellen elke dag van 15.00 tot 16.00 uur op telefoonnummer 040-2044445 of uw vragen stellen via het contactformulier.