logo advocatenkantoor Kuijken
Neem vrijblijvend contact op:
Bel ons: 040 20 40 500
Mail ons: info@kuijkenadvocaten.nl
Bestuurder aansprakelijk die betaalopdracht geeft in wetenschap van aankomend faillissement

Betalingen op of rond de dag van faillietverklaring van een B.V., zijn vaak aanleiding tot ingewikkelde geschillen. Dit heeft onder meer te maken met de wettelijke regel dat een faillissement terugwerkende kracht heeft tot 0.00 uur op de dag van faillietverklaring.

Recent moest de Rechtbank oordelen over een geschil dat was ontstaan met betrekking tot het faillissement van een vennootschap X, waarvan de indirect bestuurder de heer A was. A had op 5 juni 2013 aan de huisbank van X, de Rabobank Centraal Twente, opdracht gegeven om een bedrag van € 45.000 ten laste van de bankrekening van X over te maken naar de bankrekening van een derde C. C had dat bedrag een half uur daarvoor juist naar de bankrekening van X overgemaakt. Wat de verhouding is tussen A en C, wordt uit het vonnis van de rechtbank niet duidelijk. Wel duidelijk is dat A in de ochtend van 5 juni 2013 als bestuurder van X bij de rechtbank was geweest omdat de faillietverklaring van X was aangevraagd. Later die dag werd het faillissement daadwerkelijk uitgesproken.

Vanwege de terugwerkende kracht van het faillissement, is uiteindelijk vastgesteld dat A op 5 juni 2013 niet bevoegd was om de betaalopdracht aan de Rabobank te geven. Op grond van de jurisprudentie van de Hoge Raad was de bank daarom verplicht om het bedrag van € 45.000 aan de curator van X terug te betalen. De bank deed dat ook. Vervolgens ‘draaide de bank zich echter om' en sprak bestuurder A aan tot vergoeding van de schade van de bank van € 45.000. Volgens de bank had A jegens haar een onrechtmatige daad gepleegd en had hij persoonlijk ernstig verwijtbaar jegens de bank gehandeld.

De rechtbank was het daarmee eens. Zij veroordeelde A tot vergoeding van de schade van de bank. Opvallend daarbij is dat de rechtbank oordeelde dat de bank weliswaar ook aan C om terugbetaling had kunnen vragen, maar dat het de bank vrijstond om ervoor te kiezen om in plaats daarvan A aan te spreken. De rechtbank merkte daarbij ten slotte op: "Dit klemt te meer, nu het immers gedaagde zelf is geweest die het geld heeft overgemaakt naar deze derde”.

Vrijblijvend telefonisch advies

Voor informatie over deze nieuwsbrief en voor alle juridische vragen kunt u gratis en vrijblijvend bellen elke dag van 15.00 tot 16.00 uur op telefoonnummer 040-2044445 of uw vragen stellen via het contactformulier.